standaard groter grootst
print
Interview

“EEN MENS KAN HET BEST OUD WORDEN IN ZIJN EIGEN HUIS”

Prof. dr. Jacques T. Allegro

Hij heeft het bijna voor elkaar. Jacques Allegro, oud-directeur Nederlands Instituut voor Arbeidsomstandigheden en bestuurslid ILC Zorg voor Later. Met taaie volharding is het hem gelukt zijn ideeën over hoe een mens het best oud kan worden in zijn eigen huis in de praktijk te brengen. In september 2010 begint hij in zijn woonwijk Amsterdam Zuid, tezamen met een aantal buurtbewoners, het proefproject StadsDorp Zuid. Daar wordt onder verstaan een zelfhulporganisatie vóór en dóór senioren om via selfsupporting voor de eigen oude dag en die van medebuurtbewoners te zorgen.

Onderzoek genoeg dat aantoont dat het voor ouderen gezonder, veilig en plezierig is om in hun eigen huis en omgeving te kunnen blijven wonen. Mits in tijden van nood kan worden teruggevallen op ondersteunende diensten. “We weten toch allang dat mensen langer actief, vitaal en gezonder blijven als ze zelf de boel regelen en zelf de regie kunnen blijven houden over hun leven. Dus geen zorgverlening via een door de overheid gereguleerde instelling, maar een onderlinge hulporganisatie van en voor de bewoners. Daarbij nemen 60-plussers zelf het initiatief met als doel: maak het de leden mogelijk tot aan hun levenseinde zelfstandig te blijven wonen.” zegt Allegro.

Waarom specifiek gekozen is voor een naam als ‘StadsDorp’ wil Allegro graag uitleggen. “De praktijk wijst uit dat als je zo lang mogelijk actief en gezond in je eigen huis wilt blijven leven je dat meestal doet in samenhang met andere mensen uit de buurt. In een kleine dorpsomgeving gebeurt dat eerder dan in een grote stad. Amsterdam is een grote stad. Dus als je het dorpsachtige karakter (het omzien naar elkaar) met een stadsdeel combineert, kom je uit op StadsDorp. Daarmee verbind je de kleinschaligheid en de medemenselijkheid van een dorpsomgeving met een stadsdeel en dus met ouderen.”

Om zijn idee te realiseren ging Allegro niet over een nacht ijs. De afgelopen jaren bezocht hij als bestuurslid van ILC Zorg voor Later verschillende vergelijkbare projecten in het Amerikaanse Boston en Washington, het Duitse Riedlingen en een kleinschalig Nederlands project in de Brabantse plattelandsgemeente Hoogeloon. Allemaal burgerinitiatieven die zichzelf meestal hebben georganiseerd in een zorgcoöperatie met betalende leden. Sommigen hebben een conciërge en één centraal telefoonnummer voor alle vragen en problemen van de bewoners. Het aantal aangesloten huishoudens varieert daarbij van 200 tot 500 personen. Gezondheid, fitness, huishoudelijke en computer ondersteunende diensten worden ingehuurd, speciale contracten met restaurants afgesloten en er is een rechtstreekse verbinding met de thuiszorg, huishoudelijke hulp en medische ondersteuning. Soms worden de gevraagde diensten door de ledenvrijwilligers zelf uitgevoerd. Zoals begeleiding naar artsen, supermarkten, musea en concerten. Er worden cursussen gegeven, opleidingen en discussies georganiseerd en andere sociaal-culturele activiteiten door de leden zelf uitgevoerd. “Belangrijk om vereenzaming te voorkomen”, zegt Allegro. “Met name in Amerika had ik het idee dat ze het goed voor elkaar hadden. De bewoners worden de praktische middelen, het vertrouwen en de garantie gegeven om bij het ouder worden een volledig leven te leiden in hun eigen huis. Dat is daar natuurlijk veel meer nodig dan hier, maar hier is de zorg overgereguleerd. Er wordt zoveel aangeboden, er is veel aanbodversplintering en instellingen die langs elkaar heen werken waardoor mensen door de bomen het bos niet meer zien. Nu laten we dus een jaar lang het proefproject StadsDorp Zuid lopen en krijgen we daarbij steun van ILC Zorg voor Later en een startbudget van drie particuliere ouderenfondsen. We mikken op circa 300 deelnemende buurtgenoten en gaan bouwen aan een buurtnetwerk voor allerlei zaken waar senioren behoefte aan hebben. We willen actief blijven en ons inzetten voor anderen. Niet alleen voor senioren maar ook voor andere buurtgenoten. Moet er bijvoorbeeld een wasmachine worden bezorgd bij een werkend koppel of plotseling een kind worden opgehaald uit school? Dan kun je daarvoor straks ook een beroep doen op ons buurtnetwerk. Het mooie neveneffect van dit project is - dat zie je ook elders - dat de onderliggende solidariteit van de buurtbewoners wordt versterkt waardoor je een goed sociaal klimaat creëert.”

bron: Joke de Gruijter, 9 augustus 2010

Reacties opdit interview

Uw reactie

Naam
Leeftijd jaar
Onderwerp
Reactie
verzenden



print